techniek en Dhz
mengen en roeren
Wees voorzichtig met chemische stoffen. Lees!

Oude industriele recepten van lijmen en kitten

Ook handig voor vioolbouwers en restaurateurs

(bron: mengen & roeren, jaren dertig)
Onder kleefstoffen verstaan we gummi- of gelatine-achtige substanties, die dienen om twee oppervlakken aan elkaar te hechten. Gewoonlijk zijn het stoffen die in water opzwellen en na het verdampen van het water weer hard worden; het typische voorbeeld hiervan is de gewone houtlijm.

Een andere klasse kleefstoffen wordt in de warmte zacht of smelt en hecht na het hard worden door afkoelen de te lijmen oppervlakken aan elkander; hiertoe hoort bijvoorbeeld schellak.

De moderne kleefstoffen horen vaak tot de groep, waarbij het water vervangen wordt door een organisch oplosmiddel. Als voorbeeld kan men de caoutchouc-solutie en de celluloid-lijm nemen. {caoutchouc is rubber}

De samenstelling van de kleefstoffen kan men in het algemeen tot in het oneindige variëren, Ieder recept moet aan het doel, waarvoor het gebruikt wordt, aangepast worden. Vooral bij de consistentie speelt zelfs de persoon van de verwerker een grote rol; de recepten moeten dus steeds op het speciale doel afgestemd worden. Een kleefmiddel dat voor het plakken van schoenendozen bijvoorbeeld uitstekend voldoet, kan door een onaangename geur voor het plakken van kartonnen verpakkingen voor levensmiddelen absoluut onbruikbaar zijn.

De te plakken oppervlakken moeten steeds goed schoon zijn. De kleefstof wordt in een dunne laag opgebracht. Wanneer de te plakken stoffen poreus zijn, moet men met een dunne kleefstofoplossing de poriën eerst afsluiten.

Het oplossen van caseïne

Voor een normale dikke oplossing neemt men per kg caseïne ongeveer 3 Liter water. Het water doet men koud in een geëmailleerde pan en men voegt onder goed roeren de droge caseïne toe; er mogen zich geen klonten vormen.
Hierna voegt men per kg caseïne 60 g sterke ammoniak (geest van salmiak) toe en plaatst de pan nu in een tweede grotere pan gevuld met heet water (of op een waterbad). De caseïne-oplossing wordt nu onder goed roeren langzaam tot 70℃ verwarmd, wat ongeveer een half uur duurt. Te hoge temperatuur moet men vermijden daar de oplossing in dit geval te donker wordt. Nadat de caseïne geheel opgelost is kan men met warm water tot de gewenste consistentie verdunnen. De verkregen lijm kan men juist als gewone houtlijm gebruiken, zowel warm als koud.
Caseïne kan ook met borax opgelost worden. Hiertoe mengt men in dezelfde volgorde als met ammoniak 1 kg caseïne met 4 tot 6 l koud water, voegt 150 g borax toe en roert koud tot de caseïne zacht begint te worden: dit duurt ongeveer een kwartier. Hierna wordt het mengsel weer op of in een waterbad onder goed roeren zoo lang op 70℃ verwarmd tot de oplossing geheel helder geworden is.

Indien men de caseïne-oplossing zeer dunvloeibaar wil maken, vervangt men een deel van de ammoniak of borax door trinatriumphosphaat. Daar de caseïne-oplossing aan bederf onderhevig is verdient het aanbeveling de oplossing met 2 % benzoëzuur- of salicylzuur-natrium of 0.5 % carbolzuur te conserveren.

Caseïne is een dierlijk eiwit dat in melk en sportvoeding voorkomt.

Opmerking: caseïne mag niet met koper in aanraking komen.

caseine

Het gebruik van houtlijm of beenderlijm.

Voor het maken van een goede lijmoplossing is het noodzakelijk de lijm voor het verwarmen goed in water te laten zwellen. Bij dikke tafellijm kan dit tot twee dagen duren. Tegenwoordig komt er ook gemalen lijm in de handel, die in enige uren genoeg water opneemt om door verwarmen opgelost te kunnen worden.

Nadat de lijm voldoende water opgenomen heeft, wordt ze door haar in een bak met heet water te plaatsen vloeibaar gemaakt; de temperatuur mag niet hoger komen dan 70℃. Hogere temperaturen en lange verhitting moeten vermeden worden, daar het water dan op de lijm inwerkt en door zg. hydrolyse producten gevormd worden met een zeer geringe kleefkracht.

Het vloeibaar maken van de lijm geschiedt het beste in een hiertoe speciaal vervaardigde lijmpot, waarvan de binnenste pot vertind is terwijl de buitenste pot, waarin het hete water komt, uit ieder willekeurig materiaal kan bestaan.

Bij het lijmen met deze gewone houtlijm moet er voor gezorgd worden, dat de te lijmen oppervlakken zo warm gemaakt worden, dat de lijm hierop niet stolt voordat de oppervlakken vast op elkaar geperst zijn. Voor het leveren van goed werk moeten de beste lijmsoorten gebruikt worden.

Voor het lijmen van dun fineer neemt men een lijm met een hoge viscositeit, dit betekent een lijm die in een lage concentratie reeds een dikvloeibare oplossing geeft. Een te dunne oplossing heeft namelijk een neiging door het dunne laagje hout heen naar de buitenkant te komen en hier het fraaie oppervlak van het fineer te bederven.

beenderlijm

Vloeibare lijm

Beenderlijm 46,7 dl
Water 46,7 dl
Natriumnitraat 6,6 dl

Het natriumnitraat (Chilisalpeter) wordt in koud water opgelost. De lijm (fijn gemalen) laat men gedurende twee uur in deze oplossing inweken en smelt het mengsel dan op een waterbad bij 60-70℃. Hierna houdt men het mengsel zo lang op de aangegeven temperatuur tot de lijm na afkoelen tot kamertemperatuur vloeibaar blijft; dit proces duurt enige uren. Tenslotte conserveert men met enige tiende procenten carbolzuur of salicylzuur.

Lijmcompositie voor gips-gietvormen

Houtlijm in poeder 1 dl
Glycerine 1,5 dl
Water 1 dl
Suiker 0,5 dl
Fijn kwartspoeder 1 dl

Lijm voor een kartonplakmachine

Houtlijm 175 dl
Glycerine 10 dl
Water 175 dl of meer
Bêtanaphtol 0,5 dl
Terpineol 0,5 dl

Lijm voor karton

14 dl goede beenderlijm op de juiste manier in 26 dl water oplossen.
Hieraan voegt men 1 dl van een 12-pcts oplossing van schellak in spiritus toe.
Hiernaast lost men 0,5 dl dextrine op in 7 dl spiritus en 3,5 dl water, verwarmt deze oplossing en mengt haar met de lijmoplossing.
De lijm wordt bij het afkoelen vast en moet voor gebruik gesmolten worden.

Elastische papierlijm

Beenderlijm 45 dl
Glycerine 15 dl
Water 39 dl
Carbolzuur 1 dl

De lijm wordt op de gewone wijze opgelost. Bij 60℃ voegt men dan de glycerine toe en tenslotte het conserveermiddel, bv. carbolzuur of p-oxybensoëzure-ester.

Lijm voor galanteriën

100 dl goede heldere lijm wordt in 200 dl water opgelost.
Hieraan voegt men dan een oplossing van 2 dl gebleekte schellak in 10 dl alcohol toe, roert tot de beide oplossingen zich goed gemengd hebben en laat de temperatuur niet boven de 50℃ komen.

Hectographenmassa

Men lost 1 dl goede lijm in zo weinig mogelijk water op, voegt dan 1 dl glycerine toe en giet dit in het hiervoor bestemde apparaat.
Wanneer de massa te dun geworden is laat men bij lage temperatuur onder goed roeren een deel van het water verdampen.

Etikettenlijm

Gewone houtlijm wordt in 15-pcts azijnzuur opgelost en een ogenblik doorgekookt. Men kan ook nog iets stijfsel toevoegen.

Etikettenlijm voor de machine

Aan een 10-pcts houtlijmoplosing voegt men op de hele hoeveelheid berekend 2,5% dextrine toe. Men verwarmt onder goed omroeren tot de dextrine opgelost is en voegt dan 3% lijnolie en 3% terpentijnolie toe. De lijm wordt door vocht niet aangetast en hecht op metaal.

Stijfselpasta
(gekookte stijfsel)

4 dl tarwestijfsel wordt met 8 dl koud water tot een dun papje aangeroerd.
Dit papje giet men dan in 64 dl kokend water en roert tot het mengsel goed doorschijnend wordt.
De te gebruiken hoeveelheid water hangt van de soort stijfsel af en van de consistentie die men voor het bepaalde doel verlangt.

Elastische stijfselpasta

Eerst kookt men 8 dl stijfsel met 100 dl water op de gewone wijze,
voegt dan 4 dl ammoniakoplossing toe, waardoor de kleefkracht toeneemt,
tenslotte 1 dl glycerine.

Lijm voor cellophaan

Arabische gom 17,5 dl
Water 52,5 dl
Glycerine 30 dl
Formaldehyde 0,05 dl
 of:
Beenderlijm 40 dl
Water 40 dl
Glycol-bori-boraat 20 dl

Albuminelijm

Bloedalbumine(90% oplosbaar) 100 dl
Water 170 dl
Ammoniak (s.g. 0,90) 4 dl
Gebluschte kalk 3 dl
Water 10 dl

Het droge bloedalbumine wordt eerst met het grootste deel van het water aangeroerd, waarna men het mengsel enige uren laat staan. Het ingeweekte aJbumine wordt nu geroerd tot het opgelost is, waarna men de ammoniak onder langzaam en voorzichtig roeren toevoegt. Te vlug roeren doet de massa schuimen. De kalk wordt nu met weinig water tot een dunne kalkmelk aangeroerd en men voegt deze voorzichtig bij de albumine-oplossing; hierna roert men nog enige minuten door. Men mag vooral niet te veel kalk toevoegen daar de lijm dan tot een gelei-achtige massa stolt. Bij de juiste verhoudingen blijft de lijm gedurende eenige uren bruikbaar. De juiste verhouding van albumine tot water moet door een klein proefje bepaald worden, daar de viscositeit van de lijm aan het doel aangepast moet worden en daar de eigenschappen van albumine niet steeds gelijk zijn.

Een zeer goede lijm verkrijgt men ook door een hoeveelheid paraformaldehyde toe te voegen. Op 100 dl bloedalbumine neemt men dan zoveel water als noodig is (140 tot 200 dl), 5½ dl ammoniak (0,90) en 15 dl paraformaldehyde. Het albumine wordt juist als te voren opgelost; pas dan voegt men het paraformaldehyde toe, niet te vlug en niet te langzaam. Het mengsel wordt hierbij steeds dikker en men moet er voor zorgen, dat de gehele hoeveelheid paraformaldehyde toegevoegd is voordat de oplossing stolt of gelatineert. In dit stadium kan de lijm moeilijk of in het geheel niet meer geroerd worden. De verdikte massa wordt echter na ongeveer een uur vloeibaar en heeft dan de juiste consistentie. In deze toestand blijft de lijm gedurende ongeveer 8 uren. Wanneer de lijm nu weer vast wordt is ze onoplosbaar en verder onbruikbaar.

Deze lijm kan ook geheel koud verwerkt worden. Beter is het de werkstukken warm samen te persen. Bij het bouwen van vliegtuigen, waar toch zeker de hoogste eisen gesteld worden, wordt deze lijm vaak toegepast daar ze bovendien niet meer gevoelig is voor vocht.

ei-albuminepoeder
ei-albuminepoeder
Albumine is een eiwit en zit bv ook in eieren.
Lockheed-Constellation
Ook in vliegtuigen wordt lijm gebruikt

Houtlijm met stijfsel

Tarwestijfsel 30 dl
Beenderlijm 10 dl
Water 60 dl

De stijfsel en de lijm worden eerst afzonderlijk op de vroeger aangegeven wijze opgelost en dan gemengd. Voor het gebruik voegt men zoveel water toe als gewenst is.

Vloeibare gom

Men mengt 75 dl goede Arabische gom met 200 dl water en verwarmt het mengsel zolang tot 70℃ tot alles opgelost is.
Hierna voegt men 6 dl carbolzuur en 1 dl kruidnagelolie toe en filtreert door neteldoek.
Verder water zoveel als nooig is.

Enveloppengom

Arabische gom 1 dl
Stijfsel 1 dl
Suiker 1 dl

Opgelost in zooveel water als nodig is.

De Arabische gom wordt eerst in water opgelost, dan voegt men de suiker toe en tenslotte roert men de stijfsel klontvrij in de oplossing. Onder goed roeren wordt het mengsel dan gekookt tot de stijfsel opgelost is en hierna verdund met warm water.

Fotokleefstof

Witte aardappeldextrine 15 dl
Water 15 dl
Glycerine 2 dl
Formaldehyde (40%) 0,15 dl
Sassefrasolie 0,15 dl

De dextrine wordt eerst met een deel van het water aangemengd tot alle klonten verdwenen zijn. Hierna voegt men de rest van het water toe, kookt even op, laat afkoelen en voegt tenslotte de andere bestanddelen toe.

Kleefpasta

Witte dextrine 450 g
Arabische gom 30 g
Water 500 g
Azijnzuur 20 g
Wintergroenolie 1 g
Kaneelolie 1 g
Salicylzuur 2 g

De dextrine en de fijn gepoederde Arabische gom worden eerst in water opgelost, hierna voegt men het salicylzuur toe. Het mengsel wordt nu verwarmd tot de massa pasta-achtig begint te worden. Koken mag ze echter niet; de verwarming geschiedt dus weer het beste in een tweede pan met heet water. Ongeveer na een kwartier voegt men onder goed roeren langzamerhand het azijnzuur toe. De massa wordt hierna parelachtig; vervolgens roert men zonder afkoelen de reukstoffen door de pasta.

Kleefpasta voor bibliotheken

Tragacanth 20 dl
Witte dextrine 10 dl
Tarwebloem 60 dl
Glycerine 10 dl
Koud water 40 dl
Salicylzuur 3 dl
Kokend water 400 dl

Tragacanth in poeder wordt eerst met 160 dl heet water gemengd en goed doorgeroerd. Hierna mengt men de dextrine en de bloem met het koude water aan en giet dit in de tragacanth-oplossing. Onder goed roeren voegt men nu de rest van het kokende water bij het mengsel, voegt de glycerine en het salicylzuur toe en kookt het mengsel gedurende 5 tot 6 minuten onder goed roeren door.

Juwelierskit

Men lost op een waterbad 25 dl vislijm op in zo weinig mogelijk 40-pcts alcohol, dan voegt men 2 dl gum ammoniacum toe.
Hiernaast lost men 1 dl mastik op in 5 dl verdunde alcohol en mengt beide oplossingen.
De lijm moet in goed gesloten flessen bewaard worden.

Kit voor gietijzer

IJzervijlsel 128 dl
Gips 20 dl
Krijt 8 dl
Arabische gom 8 dl
Roetzwart 1 dl
Cement 4 dl

Het mengsel wordt kort voor het gebruik met water aangemaakt.

Kit voor het dichten van scheuren in vloeren

Gips 32 dl
Kwartsmeel 200 dl
Gele dextrine 33 dl

Kort voor het gebruik met water tot een stijve brij aanroeren.

Lijm voor vetdicht papier

Men mengt een 20-pcts huidlijmoplossing met 25 g kaliumbichromaat.
Het te prepareeren papier trekt men door de warme oplossing en droogt het papier vlug in het licht. Het papier moet zolang aan de inwerking van licht blootgesteld worden tot de kleur van lichtgeel geheel bruin geworden is.
Hierna wordt het chromaat uitgekookt met een 2-pcts aluinoplossing.

Behangersplaksel

Rijstebloem 4 dl
Krijt (zeer fijn) 2 dl
Caseïne 1 dl
Aluin in poeder 0,5 dl

Men kan het mengsel direct met heet water tot een bruikbare pap aanroeren. Beter lost men de caseïne met iets ammoniak op als vroeger aangegeven en mengt deze oplossing met de gekookte rijstemeelpap.

Verder is een pap van zuivere tarwebloem zeer bruikbaar. Hiertoe mengt men de tarwebloem met koud water tot een dun papje aan en giet dit mengsel juist als bij stijfsel in een voldoende hoeveelheid kokend water.

Meubellijm

Huidlijm 450 dl
Loodwit 15 dl
Poederkrijt 100 dl
Salicylzuurnatrium 5 dl
Water 1000 dl

Kastenmakerslijm

Huidlijm 175 dl
Glycerine 10 dl
Bêtanaphtol 0,5 dl
Terpineol 0,5 dl
Water naar behoefte

Caseïnelijm voor hout

Fijn gemalen caseïne 12 dl
Ongebluste kalk 8 dl
Zwaarspaat (gemalen) 4 dl

De bestanddeelen goed mengen en droog bewaren, voor het gebruik met water aanmengen. De lijm is in 24 uur droog. Ter verbetering kan men enige procenten natriumphosphaat toevoegen.

meubelmaker

Ebonietlijm

Eboniet kan gelijmd worden met een mengsel van 1 dl gutta-percha en 2 dl steenkoolteerpek, die tevoren voorzichtig samengesmolten worden.
De breukvlakken moeten eerst met benzine ontvet worden en moeten tot ze afgekoeld zijn tegen elkaar worden geperst.

Kleefwas [1]

Colophonium 100 dl
Talk 16 dl
Lanoline 60 dl
Paraffine 8 dl
Verzeepte was 2 dl

Kleefwas [2]

Colophonium 100 dl
Paraffine 10 dl
Dunne smeerolie 88 dl
 of:
Dammarhars 70 dl
Bijenhars 40 dl
Aardverf 5 dl

Marmerkit [1]

Krijtwit 100 dl
Waterglas 25 dl
 of:
Vetzuur aluminium wordt met gekookte lijnolie tot een stijve pasta aangeroerd.
 of:
Portlandcement 12 dl
Gebluste kalk 6 dl
Kwartspoeder 5 dl
Kiezelgoer 1 dl
Met natronwaterglasoplossing aanroeren.

Marmerkit [2]

Carnaubawas 63 dl
Dammarhars 37 dl

Samensmelten, voor het lijmen het marmer verwarmen en het was-harsmengsel vloeibaar maken.

Celluloïd-kleeflak

Filmafval 50 dl
Nitrocellulose 23 dl
Harsester 9 dl
Ricinusolie 18 dl

Een mengsel, dat volgens deze verhouding samengesteld is, wordt opgelost in een mengsel van oplosmiddelen dat bijvoorbeeld bestaat uit: 5 dl butylacetaat, 20 dl spiritus, 25 dl aethylacetaat en 50 dl benzol.
De consistentie moet aan de te plakken stoffen aangepast worden. Zuigen deze de kleefstof te veel op dan moeten de poriën eerst met een verdunde oplossing afgedicht worden.

movie-celluloid

Marinelijm

Voor watervaste verlijming.
ship

10 dl ongevulcaniseerde rubber (crêpe) wordt in ongeveer 120 dl benzol, terpentijnolie, dunne steenkoolteer, zware benzine of mengsels hiervan opgelost.
Hierna voegt men 20 dl asfalt of 10 dl asfalt en 8 dl schellak toe en verwarmt het mengsel voorzichtig op een waterbad tot het geheel homogeen is (brandbaar, open vlammen vermijden).
De lijm wordt na het afkoelen vast en moet voor het gebruik voorzichtig gesmolten worden.
De marinelijm plakt een groot aantal stoffen volkomen watervast en kan overal gebruikt worden waar de donkere kleur niet hindert.

IJzerkit

Men mengt 1 dl zinkoxyde en 1 dl bruinsteenpoeder en roert dit mengsel met een oplossing van kaliwaterglas tot een dunne brij aan.
De kit moet onmiddelijk gebruikt worden.

Stopverf

Krijtwit 85 dl
Ongekookte lijnolie 15 dl

Eventueel kan men een deel van de ongekookte lijnolie door gekookte vervangen. De stopverf droogt hierdoor sneller maar wordt echter niet zo hard.
Zeer vlug hard wordt een stopverf wanneer men een deel van het krijtwit door loodglit vervangt:

Krijtwit 450 dl
Loodglit 36 dl
Gekookte lijnolie 80 dl
Siccatief 18 dl

Voor het inzetten van glas in metalen, gewoonlijk ijzeren, sponningen maakt men een stopverf uit loodglit of rode loodmenie (een deel hiervan kan men om de prijs lager te maken door gebluste kalk vervangen) en gekookte lijnolie.
Een stopverf voor beeldhouwers maakt men door in gewone stopverf een deel van het krijtwit door vollersaarde te vervangen, bv.:

Gekookte lijnolie 15 dl
Vollersaarde 15 dl
Krijtwit 70 dl

Stopverf die elastisch blijft maakt men door gemalen bitumineuze kalksteen met 8 tot 12 % bitumen met gekookte lijnolie aan te mengen. Deze kit verdraagt ook alle weersinvloeden.


Kit voor metaal op glas

Recept no. 1
Kopallak 1 dl
Lijnolie 2,5 dl
Loodwit in olie 1 dl
Loodmenie 1 dl
Kort voor gebruik mengen.

Recept no. 2
Eerst maakt men een mengsel van gelijke gewichtsdeelen cement en loodglit. Dit mengsel wordt dan met het halve volume glycerine aangeroerd en goed doorkneed.

Recept no. 3
Natriumhydroxide 1 dl
Colophonium 3 dl
Water 5 dl
Koken tot een gelijkmatige hars-zeepoplossing gevormd is.
Hierna mengen met:
Gips 3 dl

Vlug drogende isolerende kleeflak

Alkydhars 11-20 dl
35-pcts nitrocellulose-oplossing 64-73 dl
Tricresylphosphaat 4-8 dl
Oplosmiddel 11-21 dl

Gekleurde was

Carnaubawas 16 dl
Paraffine 8 dl
Colophonium 8 dl
Pigment 6 dl

Een dergelijke was wordt gebruikt om kleine gaatjes in hout onzichtbaar te vullen. Hiertoe wordt droge verf zodanig toegevoegd dat de was precies de kleur van het hout verkrijgt. Voor mahoniehout neemt men bijvoorbeeld ijzeroxiderood, voor bruin eikenhout een okermengsel.

Kunstharskleefstoffen

Kunsthars op kunsthars kleeft men met een dikke oplossing van een phenol-formaldehyde-hars als bakeliet of albertol.
Voor het plakken van kunsthars op metaal verdikt men de kunstharsoplossing met marmerstof of veldspaatpoeder.
Kunsthars op glas en porcelein plakt men met een mengsel van 2 dl dikke kunstharsoplossing in alcohol en 1 dl dikke schellakoplossing. Met deze oplossing kan men de meeste stoffen met kunsthars stevig verbinden. In alle gevallen is het goed de plaknaad enige tijd op temperaturen boven de 100℃ te verwarmen.
kunsthars

Lederlijm

Zwavelkoolstof 10 dl
Caoutchouc (crêpe) 1,5 dl
Venetiaanse terpentijn 1 dl
of:

Een zeer geconcentreerde oplossing van celluloïd in aceton. Toegevoegd wordt ongeveer 20% van een 15-pcts oplossing van dikke terpentijn in benzol.

Lederlijm voor schoenen

Nitrocellulose-oplossing 200 dl
Amylacetaat 15 dl
Amylalcohol 15 dl
Colophonium 10 dl
Kamfer 5 dl
Venetiaanse terpentijn 15 dl
Lijnolie 20 dl

Linoleumlijm

Schellak 14 dl
Manillacopal 14 dl
Colophonium 48 dl
Gekookte lijnolie 5 dl
Spiritus 19 dl
Krijt of zinkwit 10-20 dl

De verhouding van de manillacopal tot het colophonium kan gewijzigd worden. De copal maakt de kit duurder en beter.

Zijden kousen repareren

Met behulp van een caoutchouc-kleefmassa kan men zijden kousen bijna onzichtbaar zeer snel repareren. Hiertoe laat men zuivere witte ruwe caoutchouc in dichlooraethyleen zwellen en verdunt dan tot een zachte zalfachtige pasta.
Met deze pasta bestrijkt men een stukje weefsel van precies dezelfde kleur, legt dit op het gat en strijkt met een heet strijkijzer het weefsel glad. Hierbij verdampt het oplosmiddel bijna onmiddellijk.
De kousen kunnen hierna nog met warm water gewassen worden.
pin-up-girl

Mowilithkleefstof.

Een kleefstof, waarmede men nagenoeg alles plakken kan, bestaat uit een dikke oplossing van gepolymeriseerde vinylverbindingen in oplosmiddelen als aethylacetaat en andere esters. Met deze oplossing kan men bv. weefsel of vilt op bijna alle metalen bevestigen.

Behalve dit kunsthars, dat onder den naam Mowilith in de handel komt, kan men ook met de acronalen, ook hoog gepolymeriseerde organische verbindingen, uitstekende plakmiddelen maken.

In het algemeen bezitten de moderne kunstharsen en kunstlakken uitstekende kleefeigenschappen en bieden zij hier nog zeer groote mogelijkheden. Voor het dagelijksch gebruik zijn ze soms nog te duur.

In bepaalde gevallen, bv. in de industrie van het triplex- en multiplexhout, biedt het gebruik van een kunsthars als kleefmiddel enorme voordelen. Immers alleen hiermede is het mogelijk een lijmnaad te verkrijgen, die absoluut watervast is.

Ethylcellulose-kleefstoffen

Eerst maakt men een oplossing van ethylcellulose:
Ethylcellulose 10 dl
Ethylalcohol 80 dl
Aceton 10 dl
Butanol 10 dl
Toluol 25 dl
Hiernaast smelt men harsester met weekmakingsmiddel samen, bv.:
Harsester 60 dl
Dammar (wasvrij) 20 dl
Dibutylphtalaat 20 dl
Men mengt nu zo veel van beide oplossingen, tot een kleefstof met de gewenste eigenschappen ontstaat.

De verhoudingen kunnen zeer gevarieerd worden en men kan tenslotte mengsels geheel zonder oplosmiddel maken, die in gesmolten toestand opgebracht moeten worden. De kleefkracht is dan buitengewoon hoog, ook in de koude, en blijft gedurende lange tijd bestaan. Een smeltkit moet minstens 8 % ethylcellulose bevatten.

Deze ethylcellulose-plakmiddelen zijn geschikt voor het plakken van cellophaan op papier, op bladmetaal, met ethylcellulose, voor bladmetaal op papier, papier op papier en weefsel op weefsel.


Caseïne-houtlijm

Caseïne 70 dl
Marmerkalkhydraat 20 dl
Trinatriumphosphaat 7 dl
Fluornatrium 3 dl
 of:
Caseïne 10 dl
Marmerkalkhydraat 2-8 dl
De eerste lijm wordt na het aanroeren met water vlugger vloeibaar en voor het gebruik gereed, de tweede lijm is beter watervast.

Olievaste kit

Portlandcement 100 dl
Steenmeel 25 dl
Caseïne 30 dl
Kort voor het gebruik met water aanroeren. De kit wordt langzaam hard, doch verkrijgt een zeer grote vastheid.

Enveloppengom

Aardappelmeel 13 dl
Water 80 dl
Natronloog 37° Bé 3 dl
Salpeterzuur 24° Bé 3 dl
Formaline 1 dl
Gelatine 3 dl
Witte stroop 2 dl
Water 10 dl
Het aardappelmeel wordt op een waterbad met het water en de loog verwarmd tot het geheel opgelost is, hierna neutraliseert men met het salpeterzuur. Hiernaast worden de gelatine en de witte stroop in water opgelost en bij de stijfseloplossing gevoegd.

Vislijm

Visafval, vooral huid 1000 dl
Water 1000 dl
Azijnzuur 25% 2 dl
Het afval wordt eerst enige uren in stromend water gewassen, hierna met het water en het zuur overgoten en met stoom op 74℃ verwarmd. Na enige uren wordt de oplossing afgegoten en de rest afgeperst. Deze rest wordt nog eens op dezelfde wijze behandeld. De beide filtraten worden samen ingedampt tot de oplossing 45 % droge stof bevat.

De verkregen vislijm is iets donker. Door aan het oploswater 0,35 dl natriumbisulfiet toe te voegen, wordt de lijm lichter van kleur, doch kwalitatief niet beter.

De lijm wordt met 1 % boorzuur en iets methylsalicylaat geconserveerd.

De resten worden fijn gemalen en gedroogd als vismeel in de handel gebracht.

vioolbouw
Vislijm wordt onder andere gebruikt door vioolbouwers

Universele kleefstof

a. Polyvinylacetaat, hoogvisceus 6 dl

Polyvinylacetaat, middelvisceus 6 dl

Ethylacetaat 75 dl

Methylalcohol 5 dl

Water 8 dl
Het polyvinylacetaat wordt eerst in het oplosmiddel opgelost, hierna voegt men de alcohol en tenslotte het water toe.
b. Celluloid 10 dl

Polyvinylacetaat, zacht 5 dl

Spiritus 15 dl

Ethylacetaat 70 dl

Waterafstotende
universele kleefstof

Polyvinylacetaat, middelhard 7 dl
Celluloid 3 dl
Toluol 85 dl
Tetrachloorkoolstof 5 dl
Benzol 5 dl
Aluminiumstearaat 1 dl
Lakbenzine 4 dl
Het vinylacetaat en het celluloid worden eerst in de oplosmiddelen opgelost, het aluminiumstearaat laat men eerst in de benzine opzwellen en mengt dan de beide oplossingen.

Door het aluminiumstearaat door de dubbele hoeveelheid kopernaphtenaat te vervangen, verkrijgt men een kleefstof, die voor de scheepvaart gebruikt kan worden.

Glaskit

Gegloeid zinkoxyde met sterk phosphorzuur tot een dunne brij aangeroerd.
Zinkoxyde 83 dl
Gebrande magnesia 10 dl
Kiezelzuur 7 dl
Aluminiumoxyde 25 dl
Aanroeren met sterk phosphorzuur.

Schellak 10 dl
Venetiaansche terpentijn 2 dl
Puimsteenpoeder 10 dl
De kit wordt gesmolten op de hete breukvlakken aangebracht.

Gasbuizenkit

Kalkhydraat 1 dl
Krijt 1 dl
Loodmenie 1 dl
Lijnolie zooveel als noodig is.
lijmketel
Oude lijmketel

Engelse hechtpleister

Vislijm 50 dl
Water 400 dl
Suiker 1 dl
Benzoëtinctuur 10 dl
Alcohol 10 dl
De vislijm wordt 24 uur met koud water in de week gezet, dan op een waterbad verwarmd en wanneer het grootste deel opgelost is, giet men de heldere vloeistof door een zeef en behandelt de rest met de andere helft van het water. Tenslotte wordt de oplossing op een waterbad tot 300 dl ingedampt en de suiker toegevoegd. Deze oplossing wordt nu op taf (zijde) in enige dunne lagen opgestreken. De eerste lagen moeten geheel koud opgebracht en gedroogd worden, de laatste in een warm vertrek. Voor 5000 cm² taf heeft men 50 g vislijm noodig.

De andere zijde wordt met een oplossing van 1 dl benzoëtinctuur in 1 dl alcohol bestreken.

Caoutchouc-hechtpleister

Crêperubber 20 dl
Zuivere benzine 120 dl
Dammarhars 11 dl
Colophonium 8 dl
Zuivere benzine 20 dl
Zinkoxyde 30 dl
Benzine 8 dl
Lanoline 30 dl
De fijn gesneden crêpe lost men in de eerste hoeveelheid benzine op; dit duurt ongeveer 3 weken. De harsen worden in de volgende hoeveelheid benzine opgelost. Het zinkwit maalt men in de benzine en het lanoline fijn en mengt tenslotte alle bestanddeelen. De massa wordt op dunne shirting gestreken en 6 uur gedroogd.

Vuurvaste kit

recept no. 1.
Borax 1 dl
Zinkwit 5 dl
Bruinsteenpoeder 10 dl
De poeders worden gemengd en met waterglas tot een dikke pasta aangeroerd. Deze kit verhardt langzaam, is echter goed vuurvast.
recept no. 2.
Asbestpoeder 1 dl
Chamottemeel 1 dl
Pijpaarde 1 dl
Aanroeren met gekookte lijnolie tot een stijve pasta.

Stoomketelkit

recept no. 1.
Zwaarspaatpoeder 8 dl
Marmerkalkhydraat 3 dl
Grafiet 6 dl
Gekookte lijnolie 7 dl
Het zwaarspaatpoeder kan door bruinsteen, steenmeel of chamotte meel vervangen worden.
recept no. 2.
Bruinsteenpoeder 20 dl
Zinkwit 20 dl
Gecalcineerd kiezelgoer 10 dl
Grafiet 3 dl
Met waterglas tot een dunne pasta aanroeren en onmiddellijk gebruiken. De kit is geschikt voor het dichten van scheuren in ijzeren platen bij kachels en ovens.

Zandsteenkit

Kiezelgoer 2 dl
Marmerkalkhydraat 2 dl
Loodglit 1 dl
Met gekookte lijnolie tot een dikke pasta aanroeren.

Hoevenkit

Guttapercha 70 dl
Ammoniakgomhars 30 dl
Samen smelten en in vormen uitgieten. Voor het gebruik goed warm maken en in de scheuren van de hoeven goed aandrukken.
paardenhoef

Metaalkit

Recept no. 1.
Gewoon zinkoxyde wordt met 2 % salpeterzuur bevochtigd en gegloeid, het materiaal wordt fijn gemalen en met een chloorzinkoplossing, die minstens een s.g. van 1,8 heeft, aangeroerd. De verkregen dikke pasta verhardt zeer snel.
Recept no. 2.
Copallak 30 dl
Gekookte lijnolie 10 dl
Venetiaansche terpentijn 6 dl
Terpentijnolie 4 dl
Marinelijm 10 dl
Marmerkalkhydraat 60 dl
De kit moet heet opgebracht worden.
Recept no. 3.
Caseïne 8 dl
Marmerkalkhydraat 10 dl
Geslibd kwartspoeder 10 dl
Het mengsel wordt met water aangeroerd en onmiddellijk gebruikt.

Etikettenlijm voor blik [1]

Manillacopal 500 dl
Colophonium 500 dl
Galipot (dikke terpentijn) 300 dl
Spiritus 90% 1500 dl
Ricinusolie 4 dl
toffee-en-koekblik

De harsen worden met de spiritus gemengd. Na enige dagen staan is alles opgelost. De oplossing wordt door een fijne zeef gegoten en hierna voegt men pas de ricinusolie toe.

Men bestrijkt de etiketten met de lijm, laat aandrogen tot de lijm draden trekt en plakt de etiketten dan op het blik. De oplossing moet zo dik zijn, dat ze niet doorslaat. Bij poreus papier is het soms nodig de etiketten met stijfsel of dextrine voor te strijken en te laten drogen.

Etikettenlijm voor blik [2]

Rietsuiker 20 dl
Water 40 dl
Marmerkalkhydraat 40 dl
Glycerine 10 dl
Houtlijm 10 dl
Men mengt de eerste drie bestanddelen, laat een paar dagen staan en giet van het bezinksel af. Dan wordt de rest opgelost.

Baardkleefstof

Mastix 50 dl
Sandarac 100 dl
Colophonium, WW 250 dl
Ether 75 dl
Spiritus 96% 400 dl
De oplossing wordt door een fijne zeef gefiltreerd.

Door meer of minder spiritus te nemen, kan men de consistentie naar wens variëren. Door iets ricinusolie toe te voegen wordt de kleefstof elastischer, droogt dan echter iets langzamer. De kleefstof kan met eau de cologne geparfumeerd worden.

Na de voorstelling kan de baard voorzichtig afgetrokken worden, eventueel na inweken met spiritus of eau de cologne. De resten worden met spiritus afgewassen. De huid moet onmiddellijk met een vette huidcrème ingesmeerd worden.

Boetseerwas

Bijenwas 2000 dl
Venetiaansche terpenzijn 270 dl
Varkensvet (reuzel) 140 dl
Bolus 1500 dl
De was, het hars en het vet worden samen gesmolten en met de bolus gemengd. Nu laat men afkoelen en kneedt de massa onder water zo lang tot ze de juiste plasticiteit heeft.

Smeltkit

Loodmenie 80 dl
Watervrije borax 80 dl
Krijt 10 dl
Gebroken aardewerk, porcelein en glas kan met deze kit gerepareerd worden. De kit moet in een moffeloven of bij kleine voorwerpen met een blaasvlam gesmolten worden.
Poreuze kroezen kan men dicht maken door ze met een mengsel van marmerkalkhydraat met verzadigde boraxoplossing en iets loodglit te bestrijken en dan te gloeien.

Vliegenlijm

Crêperubber 2 dl
Dunne smeerolie s.g. 0,88
 tot 0,89, vrij van paraffine 25 dl
Colophonium 65 dl
Raapolie 8 dl
Sporen anijsolie, venkelolie, honing- of wasaroma.

De caoutchouc wordt eerst bij 100° C in de smeerolie opgelost; dit duurt ongeveer 10 tot 15 uur.
Hiernaast worden het colophonium en de raapolie samengesmolten en met de caoutchouc-oplossing gemengd.

Vloeibare universele lijm

Suiker 60 dl
Water 180 dl
Marmerkalkhydraat 15 dl
Lederlijm 50 dl
De suiker wordt eerst in het water opgelost, dan de kalk toegevoegd; daarna enige dagen laten staan. De oplossing wordt van het bezinksel afgegoten en dan met de lederlijm gemengd. Wanneer de lijm voldoende water opgenomen heeft, wordt het mengsel verwarmd tot de lijm geheel opgelost is. Wanneer de lijm te dik is, kan ze met meer suikerkalkoplossing verdund worden.
Daar deze lijm alcalisch is, kan ze niet overal toegepast worden.

Watervaste kit

Steenkoolteer 100 dl
Zwavel 12 dl
De teer wordt tot koken verhit en de zwavel opgelost, hierna voegt men dan zoveel droge gebluste kalk toe tot de massa na afkoelen hard wordt.
De kit is geschikt voor afvoerleidingen voor water.

Ivoorkit

- Recept no. 1.
Vers gegloeid zinkoxyde 1 dl
Geconcentreerde
 zinkchloride-oplossing 2 dl
De bestanddelen worden goed gemengd en de verkregen pasta moet onmiddellijk gebruikt worden.
- Recept no. 2.
Gebleekte schellak 2 dl
Borax 4 dl
Caseïne 5 dl
De schellak en de borax worden in zo weinig mogelijk water warm opgelost, de vloeistof wordt iets ingedampt en koud of lauwwarm met het caseïnepoeder gemengd. Het ivoor moet te voren iets warm gemaakt worden. De kit wordt snel hard.

Ivoor-vulkit

Gelatine 2 dl
Porceleinaarde 5 dl
Geprecipiteerd krijt 2 dl
Loodwit of titaanwit 1 dl
Een spoor oker voor gele tint.
De gelatine wordt in zo weinig mogelijk water opgelost en de oplossing wordt tot de dikte van gewone stroop ingedampt.
Deze oplossing mengt men dan met de overige ingrediënten.

Loogvaste kit

Crêperubber 3 dl
Benzol 18 dl
Paraffine 3 dl
De caoutchouc wordt eerst in kleine stukjes gesneden en in een goed dicht afsluitbare fles met de benzol overgoten. Men laat dit zo lang staan (van tijd tot tijd schudden), tot de caoutchouc opgelost is. Afhankelijk van het doel, waarvoor de kit bestemd is, laat men al of niet een deel, tot de helft, van de benzol verdampen, lost de paraffine op en voegt dan zoveel zwaarspaatpoeder toe, tot de massa de juiste consistentie heeft.

Aquariumkit

Krijtwit 85 dl
Lijnolie 15 dl
Loodmenie 90 dl
Lijnolie 5 dl
Traan 3 dl
Men maakt eerst de gewone stopverf en de meniekit afzonderlijk, mengt ze dan en kneedt ze goed door elkaar. De juiste hoeveelheid olie hangt van de kwaliteit van de menie af en moet op het gevoel toegevoegd worden.
Om zeker te zijn dat deze kit geen sporen lood aan het aquariumwater afgeeft, bestrijkt men de voegen met een oplossing van zwavellever, waardoor onschadelijk loodsulfide gevormd wordt. De oplossing moet men enkele uren in laten drogen en pas daarna het aquarium vullen.

Steenkit

- Recept no. 1.
Gebluste kalk,
 kalkhydraat 10 dl
Caseïne 5 dl
Gebrande gips 55 dl
Water 10 dl
De kalk en de caseïne mengt men eerst met zoveel water, dat men een dunne brij verkregen heeft en laat deze een paar minuten staan.
Hiernaast mengt men de gips met water aan en mengt dan de beide bestanddelen. De verkregen massa verhardt zeer snel. Ze moet onmiddellijk gebruikt worden en is tamelijk watervast.
- Recept no. 2.
Gips 100 dl
Vloeispaatpoeder 5 dl
Magnesietpoeder 5 dl
Water 95 dl
Natronwaterglas 5 dl
Men mengt het gips met de vloeispaat en het magnesiet, het waterglas wordt in het water opgelost en nu mengt men het poeder juist als gewone gips met de verdunde waterglas oplossing aan. De massa wordt steenhard en is goed watervast.
- Recept no. 3.
Geslibd krijt 20 dl
Marmerkalkhydraat 2 dl
Natronwaterglas 5 dl
Men mengt de bestanddeelen eventueel nog met iets water tot men een plastische, kneedbare massa verkregen heeft. De massa kan als kit gebruikt worden, doch ook voor het vormen van kleine voorwerpen.

Caseïne-houtlijm

Caseïne 100 dl
Water 220 dl
Marmerkalkhydraat 25 dl
Waterglas 70 dl
Water 100 dl
Koperchloride 3 dl
Water 30 dl
De caseïne wordt eerst met de eerste hoeveelheid water ingeweekt, dan voegt men de kalk toe, die men te voren met water tot een dunne brij aanroert, hierna het verdunde waterglas en tenslotte het opgeloste koperchloride.

Koudlijm

Zuur-caseïne 65 dl
Dolomiet-kalkhydraat 12 dl
Trinatriumphosphaat 5 dl
Natronwaterglas(poeder) 8 dl
Gipspoeder 8 dl
Zinksilicafluoride 2 dl
Deze lijm lost zeer vlug op en blijft lang vloeibaar.

Universele kit

Polyvinylester, hard 5 dl
Celluloid 5 dl
Spiritus 10 dl
Ethylacetaat 80 dl
IJzeroxyde 100-200 dl
Deze kit is watervast. Ze wordt waterafstotend door hieraan nog enige procenten aluminiumstearaatbenzine-pasta toe te voegen.

Roestwerende kit

Polyvinylester, hoogvisceus 15 dl
Benzol 45 dl
Toluol 45 dl
Oplossen en dan met de benodigde hoeveelheid loodmenie mengen en fijn malen. Door aan de massa een paar procenten kopernaphtenaat toe te voegen verkrijgt men een goede onderwaterkit.

Caoutchouc-kit

Polyvinylacetaat, zacht 100 dl
Methyleenchloride 180 dl
Trichloorethyleen 10 dl
Monochloorbenzol 10 dl
Deze kit wordt watervast en waterafstotend door 10 delen loodmenie en enige procenten aluminiumstearaatpasta toe te voegen.

Armenische cement

Mastix 10 dl
Vislijm 20 dl
Gom ammoniacum 5 dl
Alcohol 96% 60 dl
Alcohol 50% 35 dl
Water 100 dl
De vislijm wordt in het water opgelost, hierna voegt men 10 dl van de verdunde alcohol toe. Het mastix wordt in de 96-pcts alcohol opgelost, het ammoruacumhars in de rest van de verdunde alcohol. Nu voegt men de alcoholische oplossing bij de vislijm en dampt het geheel op een waterbad tot 175 dl in.

Sojameel-koudlijm

Sojameel (eiwit) 15 dl
Water 100 dl
Ammoniak 26% 1 dl
Natronloog 1 dl
Gewoonlijk wordt deze lijm met gewone caseïnelijm gemengd, waarvoor men bijvoorbeeld 20 delen sojalijm en 80 delen caseïnelijm kan nemen.

Filmcement voor onbrandbare film.

Methylacetaat 50 dl
Aceton 40 dl
Ethylacetaat 10 dl
Acetylcellulose ca. 10 dl
Synthetische kamfer 2 dl
 or:
Cyclohexanon 10 dl
Methylethylketon 50 dl
Dichloorethyleen 40 dl

Universele filmcement

Aceton 50 dl
Methylethylketon 35 dl
Ethyllactaat 15 dl
Gewassen filmafval ca. 10 dl
Men lost zoveel filmafval in het mengsel van oplosmiddelen op, tot men een voldoende dikvloeibare oplossing verkregen heeft. De benodigde hoeveelheid hangt van de eigenschappen van het filmmateriaal af.
movie-celluloid-strip

 
copyright © 2010 -
vindikhier.nl - all rights reserved